Dochter

Gisteravond heb ik zoals zo vaak naar haar gekeken, toen ze sliep.

Ik schuifelde haar kamer binnen en keek naar haar rust en vooral onrust want o, het is een woelwatertje.

Haar dekbed ‘all over the place’ en vooral veel bewegen en met name uit bed vallen.

Dat bewegen deed ze ook altijd veel in mijn buik en dat doet ze nu nog.

Overdag loopt ze lenig en met een sierlijke houding, licht heupwiegend en haar haar “cool” achterover zwiepend, voorbij. Mijn grote dochter. Elf en al zó wijs. Elf en al naar het voortgezet onderwijs. Elf en nog zo kinds…

 

Haar nieuwe schooltas staat klaar om te worden ingepakt. Haar agenda staat bol van plaatjes en stickers. Haar R&B-muziek galmt door haar kamer. Haar vlechtjes zijn er uit. Ze wil naar school zoals ze ook is, zegt ze. Kaftpapier heeft ze uitgezocht, naamlabels, ze kan niet wachten tot ze klaar is voor de grote wereld. Boeken, leraren, leraressen, roosters etc. Vrijdag mag ze gaan kennismaken en het allemaal gaan ontdekken.
“Laat maar een beetje los”,  zegt mijn hoofd maar mijn hart zegt iets heel anders.
Het gaat er vanaf nu heel anders uitzien. Niet minder maar anders. Ze zal misschien lid worden van toneelgroep op school of van de huiswerkclub. Ze zal af en toe later thuiskomen en een sleutel nodig hebben op sommige dagen wanneer ik wat later ben om de jongens van de basisschool te halen. Ze zal bergen huiswerk krijgen en moeten leren. Elke dag weer.

Een bosatlas heb ik haar gehaald. Ze bladerde er door en zei toen: “Hee mam, ik kan nu overal naartoe waar ik maar wil, ik prik een land en ik kan er naar toe in gedachten.”

 

Die avond schreef ik in dat boek de tekst:
“Ga op weg, vind je spoor, ga de hele wereld door, want dan kom je mensen tegen en ontdek je nieuwe wegen. Ga op weg, lieve meid, en gá ervoor.”
Natuurlijk wordt het leuk en natuurlijk is het allemaal spannend en nieuw en laten we welzijn: de illusie van een dochter die niks uitvreet op school heb ik niet, want ze lijkt wel erg veel op mij wat dat betreft, en toch….
Gisteravond keek ik en luisterde naar haar ademhaling en dacht ineens weer aan de tijd dat ze als baby in mijn armen lag. Aan de borst dronk alsof ze nog nooit iets gedronken had en haar haartjes zo zacht waren als was het dons. Haar vingers zo lang en slank en dat lieve neusje met die kleine witte puntjes er op, haar mondje zo groot als een kersje en haar lichaampje, zo klein dat het exact in de holte van mijn arm paste.

Mijn dochter, mijn lieve meissie, mijn wijsneusje en mijn vrolijke noot. Mijn kleine, grote meid met een doorzettingsvermogen waar een ander afhaakt. Een ruggegraat waar je van achterover valt en het vermogen om na de hoeveelheid die we samen hebben meegemaakt altijd positief in het leven te staan.
Mijn lieve schat, bijna net zo groot als ik. Zo groot, dat ze het allemaal wel weet maar vervolgens tegen me aan kruipt op de bank.

 

Trots ben ik en weemoed draag ik.  Ze zal het allemaal gaan doen en beleven.

Ik sta langs de zijlijn om steeds meer los te laten en bij te sturen.
Te troosten als haar eerste schoolbal helemaal niks voorstelt en haar eerste verliefdheid een kaartenhuis blijkt….

Dit bericht is geplaatst in Andere verhalen met de tags , , , , , , . Bookmark de permalink.

Een reactie op Dochter

  1. Veronica schreef:

    Ongelooflijk hoe dat allemaal verwoord!! Ik hadndertussen ook wel door dat je niet snel om een woord verlegen zat maar dit is weer zo mooi!!
    Ik zou een heel klein beetje willen hebben van jouw “gave”

    Dikke chapeau

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *